CLIP: hoe wordt woordenschat verankerd in Wereldwijzer?

Met de nieuwe minimumdoelen en leerplannen groeit het belang van een kennisrijk curriculum. Een stevige kennisbasis vraagt ook een ruime woordenschat: leerlingen moeten niet alleen nieuwe woorden leren, maar ook begrijpen, gebruiken en met elkaar verbinden.

 

In artikel ontdek je hoe Wereldwijzer woordenschat aanbrengt, activeert, inoefent en herhaalt. Deze woordenschat wordt concreet in de minimumdoelen en leerplannen benoemd en maakt dus deel uit van de opgelegde leerstof.

 

Graag een filmpje? Bekijk dit onderwerp via Clips voor leerkrachten:

Handleiding

Woordenschat wordt aangebracht tijdens je lessen. In de handleiding sommen we de woordenschat in een handig kader op, zodat je precies weet welke woorden in deze les aan bod komen. 

 

 

Je ziet aan de linkerkant de woordenschat voor het eerste leerjaar en rechts die van het tweede leerjaar. Heel wat woorden uit leerjaar 1 worden herhaald in leerjaar 2. 

Woord- en beeldkaarten

Voor de nieuwe woordenschat voorzien we per thema woord- en beeldkaarten die je kunt ophangen op je woordmuur of op je thematafel kunt plaatsen. Je vindt ze terug via de downloads in Bingel.

 

 

Aan de achterkant van de woordkaarten staat de betekenis en een contextzin.

 

Wereldwijzer wil echt volledig zijn en voorziet per thema daarom alle woordenschat die aan bod komt. Jij maakt daar een keuze uit afhankelijk van hoe je de kaarten wil inzetten en de noden van je klas.

Van sommige woordenschat is er geen woord- of beeldkaart, het gaat dan om abstracte begrippen die moeilijk in een beeld te vangen zijn. Ook woordenschat die in verschillende lessen van een thema aan bod komt, vind je maar één keer per thema.

Themafiche

Vooraan in de handleiding van elk thema is er een themafiche met een voorstel voor je woordmuur waarin de woordenschat uit Wereldwijzer wordt verankerd en het hele thema door zichtbaar zijn in je klas. Dit is een suggestie en mag je dus volledig aanpassen naar de noden van je klas.

 

 

Werk je met Taaltoer? Dan kun je de woordmuur aanvullen met themawoorden uit het gekoppelde thema uit Taaltoer.

 

Woorden in het vet komen uit Taaltoer, niet vet uit Wereldwijzer en vet en onderlijnd zijn gedeeld. Op die manier werk je doelgericht aan een rijke woordenschat, waarbij taal en zaakvakken elkaar versterken.

 

Ook in de bordlessen, de oefeningen in de werkschriften, de oefenreeksen op Bingel, de ontdekplaten, de kennisclips en de kopieerbladen komt deze woordenschat aan bod.

Samenvattingen

In de kopieerbladen vind je samenvattingen met onthoudkaders waarin de woordenschat in een graphic organizer of kennisschema is samengevat, een principe uit Wijze Lessen.  

 

 

Je kunt deze samenvattingen als je wil bundelen in een praktisch onthoudboekje of afdrukken en als wandplaat in je klas hangen. 

Voorkennis activeren

Nieuwe woordenschat wordt doelgericht opnieuw geactiveerd. Deze keert terug in latere lessen en thema’s, ook in andere leerjaren. Zo bouwen leerlingen hun kennis stap voor stap verder op.

In je handleiding vind je bij de instaples, maar ook in de lessen zelf, de nodige informatie hierover terug.

 

 

Zo zie je in dit voorbeeld uit Wereldwijzer thema 1 van leerjaar 2 dat we in de achtergrondinformatie de kennis uit het eerste leerjaar concreet benoemen die aan bod kwam in Wereldwijzer leerjaar 1 thema 3.

In de instaples staat de woordenschat opgesomd die de leerlingen in een vorig leerjaar hebben geleerd.

 

In de lessen zelf wordt gekende woordenschat in de startfase opgefrist door de voorkennis te activeren.

Oefenen en herhalen

Om de woordenschat te herhalen en te verankeren hebben we in Wereldwijzer verschillende concrete hulpmiddelen voorzien.

 

 

Begrippenkaartjes, een ontdekplaat, kennisclips en Bingeloefeningen en dit telkens per thema.

Begrippenkaartjes

De begrippenkaartjes bevatten dezelfde woordenschat als de woord- en beeldkaarten maar in een klein formaat. Je vindt deze per thema terug via de downloads in Bingel.

 

 

Leerlingen kunnen woord en beeld afzonderlijk uitknippen. Zo kun je ze inzetten voor sorteeroefeningen, schema’s, memory, begrippenparen of andere verwerkingsopdrachten in de klas of thuis.

De oefenreeksen op Bingel rond woordenschat kun je inzetten om deze papieren begrippenkaartjes te vervangen (zie verder).

Kennisclips

Om de leerstof te herhalen, zijn er in Wereldwijzer kennisclips gemaakt waarin de belangrijkste leerstof wordt uitgelegd. De woordenschat die aan bod kwam in de lessen wordt visueel voorgesteld met een kennisschema en bijhorende auditieve ondersteuning.

 

 

De kennisclips kun je op verschillende plaatsen terugvinden en inzetten:

 

  • in het bordboek;
  • via de QR-code op de leerroute;
  • via de QR-code op de samenvatting;
  • op het Bingeleiland;
  • via een Bingeltaak

 

Ontdekplaat

Om de woordenschat in de juiste context te plaatsen, kunnen je leerlingen de ontdekplaat bekijken en beluisteren. Op de ontdekplaat staan veel illustraties met bijhorende auditieve ondersteuning.

 

 

De ontdekplaat vind je via een link op de leerroute in je bordboek en je leerlingen op hun Bingeleiland. Handig om ook thuis te herhalen.

Bingel

Om de woordenschat extra te herhalen en in te oefenen, vinden de leerlingen op hun Bingeleiland heel wat materialen:

  • de ontdekplaat en de kennisclips zagen we zonet hierboven;
  • er zijn ook aparte oefenreeksen specifiek op woordenschat per onderwerp.

 

 

Deze inhouden kun je als leraar klaarzetten voor je klas in een Bingeltaak. Zo behoud je een goed overzicht op wie welke oefeningen gemaakt heeft. Voor leerlingen die vaker herhaling nodig hebben, kun je regelmatig gerichte Bingeltaken inplannen. Later voegen we ook nog Boemerangtaken toe.

Eiland aanpassen

Merk je dat sommige leerlingen bepaalde woordenschat uit een vorig leerjaar nog niet goed onder de knie hebben? Je kunt kennisclips uit een vorig leerjaar inzetten als Bingeltaak of zelfs het vorige leerjaar van Wereldwijzer zichtbaar maken door het Bingeleiland van deze leerlingen aan te passen. Het stappenplan hiervoor vind je hier.